37 kilometer per uur. Dat was de topsnelheid die de meters registreerden toen Arjen Robben in de zomer van 2014 langs de Spaanse verdediging schoot, in de 5-1 die het WK openbrak, de snelste sprint van dat hele toernooi. Elf jaar later staat diezelfde man op een padelbaan ergens onderaan de wereldranglijst, en schuift hij bij FC Groningen mee omhoog van de onder-14 naar de onder-19. Niet omdat een club hem riep. Omdat zijn zoon daar speelt. De snelste voetballer die Oranje ooit had, bouwt zijn tweede leven bewust klein en dichtbij huis.
Wat Arjen Robben nu doet bij FC Groningen
Arjen Robben is jeugdtrainer. Geen ambassadeur, geen commissaris op afstand, geen naam op een sponsorbord. Trainer, op het veld, bij de club waar zijn eigen loopbaan ooit begon. Hij staat bij FC Groningen op het trainingsveld met een fluitje en een groepje pubers, en hij doet dat vrijwel onopgemerkt.
Het begon voorzichtig. In augustus 2023 startte hij zijn KNVB-trainerstraject, een periode die hij zelf steevast een ontdekkingsfase noemde. Geen groot plan, geen aangekondigde ambitie richting het profvoetbal. Na het afronden van dat traject werd hij per 1 mei 2025 hoofdtrainer van FC Groningen onder-14, zo meldde de NOS toen de aanstelling rondkwam.
Dat is een opmerkelijke keuze voor iemand die tien jaar bij Bayern München speelde. De meeste oud-toppers die het trainersvak in willen, mikken op een assistentschap in de eredivisie of op een academie-baan met een carrièrepad eronder. Robben koos de onder-14. Elftallen waarin niemand nog weet of hij prof wordt. Waar het nog echt om leren gaat.
De keuze past bij hoe hij zijn afscheid van het topvoetbal invulde. Robben kwam na Bayern nog terug bij Groningen voor een kort, door blessures geteisterd afscheidsjaar, en stopte daarna definitief. Geen buitenlands avontuur meer, geen laatste dikke contract in het Midden-Oosten. Terug naar het noorden, terug naar de basis. En vanuit die basis bouwde hij door, niet omhoog richting de eredivisie, maar de leeftijdscategorieën omhoog met de kinderen mee.
Het woord dat hij zelf gebruikte voor die eerste periode zegt eigenlijk alles. Ontdekkingsfase. Geen roadmap naar een hoofdtrainerschap, geen strak omlijnd carrièreplan met tussenstations. Ontdekken. Uitzoeken of het vak hem lag, of hij het geduld had, of hij het leuk vond om jonge spelers beter te maken in plaats van zelf de wedstrijd te beslissen. Voor een man die twintig jaar lang in een wereld leefde waar elke minuut werd afgerekend op resultaat, is dat een verrassend zachte toon.
En het maakt de aanstelling bij de onder-14 logisch in plaats van vreemd. Wie wil ontdekken, begint niet bovenaan. Robben koos de leeftijd waarin talent nog vormeloos is, waarin een trainer echt iets kan bijbrengen zonder dat er een competitie op het spel staat. Geen druk van fans, geen media die na elk verlies om zijn hoofd vragen. Alleen hij, een groep jongens en een bal.
De stap van onder-14 naar onder-19, achter zoon Luka aan
Vanaf het seizoen 2026/27 schuift Robben door van de onder-14 naar de onder-19 van FC Groningen. Een stapje omhoog in leeftijd, maar de reden erachter is klein en menselijk. Zijn zoon Luka speelt in dat elftal, en Robben volgt hem simpelweg. OOGTV berichtte dit voorjaar over de promotie.
Denk daar even over na. Een man met 96 interlands en acht Bundesliga-titels stemt zijn trainerscarrière af op het geboortejaar van zijn kind. Niet de club bepaalt waar hij staat, niet een ambitie om ooit hoofdtrainer in het betaald voetbal te worden. Zijn zoon bepaalt het. Waar Luka voetbalt, staat vader Robben langs de lijn.
Het is een keuze die alleen iemand kan maken die niets meer hoeft te bewijzen. Robben heeft alles gewonnen wat er te winnen valt, op de Champions League na, en die ene finale in 2012 laten we hier even rusten. Hij heeft geen carrière meer te maken. Hij heeft een gezin, een club uit zijn jeugd en een zoon die voetbalt. Dat is het speelveld nu, letterlijk.
En daar zit de spanning die dit verhaal zo bijzonder maakt. Dit is de meest gejaagde speler die het Nederlands elftal ooit voortbracht. Een buitenspeler die zijn hele loopbaan lang met volle snelheid naar binnen sneed, altijd op zoek naar die ene beweging, die ene sprint langs de achterlijn. Ongeduld was zijn wapen. En nu kiest hij bewust voor het traagste, geduldigste vak dat er is: pubers leren voetballen, seizoen na seizoen, zonder dat iemand een prijs uitreikt aan het eind.
Wie wil zien hoe verschillend oud-internationals hun bestaan na de loopbaan inrichten, vindt bij andere oud-internationals na hun loopbaan een heel ander patroon: doorspelen tot het laatste contract, ver van huis. Robben deed het omgekeerde. Hij kwam thuis en bleef.
Padelprof onderaan de wereldranglijst
Terwijl de trainerscarrière langzaam en dichtbij huis groeit, deed Robben er iets naast wat niemand zag aankomen. Hij begon aan een tweede sportcarrière. In padel. En niet als bekende gast op een demonstratiebaan, maar echt, met een plek op de mondiale ranglijst.
Sinds 2025 staat Arjen Robben op die padelranglijst, telkens met drie ranglijstpunten. De posities die daarbij horen zijn duizelingwekkend laag voor iemand die gewend was aan de top van alles. Op 6 september 2025 stond hij rond plek 1644. Half november 2025 rond plek 1980. Momentopnames, want de positie wisselt voortdurend, maar de orde van grootte is duidelijk: hij begint helemaal onderaan, zoals de NOS beschreef.
Voor de meeste mensen zou die positie een vernedering zijn. Voor Robben is het precies het punt. De man die dertien jaar lang tot de allerbesten van de wereld behoorde, begint in een nieuwe sport gewoon weer onderaan. Nummer 1980. En hij lijkt het heerlijk te vinden.
Zelf relativeert hij zijn profstatus meteen. "De definitie van een prof is dat je er je beroep van maakt en er elke dag mee bezig bent. Ik doe veel te veel dingen naast padel dus ik ben geen professionele padelspeler", vertelde hij. Dat is geen valse bescheidenheid. Het is een precieze zelfdiagnose van iemand die weet hoe hoog de lat van professionaliteit ligt, omdat hij zelf twintig jaar aan de goede kant ervan stond.
En toch: hij staat op die ranglijst. Fanatiek, op zo'n baantje, in zijn eigen woorden. De competitiedrang die hem als voetballer langs elke verdediger joeg, is niet verdwenen. Ze heeft alleen een klein glazen kooitje gevonden om zich in uit te leven, ver weg van de camera's die vroeger elke beweging vastlegden.
Er zit iets ontwapenends in dat beeld. De topsporter die niet kan stoppen met presteren, maar die zijn honger nu richt op een sport waarin hij niemand is. Drie ranglijstpunten. Plek 1980. Voor de buitenwereld een voetnoot, voor Robben blijkbaar genoeg om zich fanatiek voor in het zweet te werken. Het is de zuivere versie van wat hem altijd dreef: niet de trofee, maar het spel zelf, de sprint, de bal, het moment waarop het lukt.
Padel past bovendien bij het leven dat hij nu leidt. Het is een sport die je in de buurt speelt, met vrienden, zonder dat je maandenlang van huis moet. Precies de maat die Robben voor zijn tweede leven koos. Klein, dichtbij, tussen de andere dingen door. Geen wereldtournee, maar een baan om de hoek.
Van Groningen tot Bayern, de sprintkoning van Oranje
Om te begrijpen hoe klein Robben zijn tweede leven maakt, moet je weten hoe groot zijn eerste was. Zijn carrière leest als een lijst van de rijkste clubs van Europa, en overal won hij. Het begon in Groningen, ging via PSV, waar hij in 2003 landskampioen werd, naar Chelsea, waar hij twee keer de Premier League pakte.
Daarna Real Madrid, met de landstitel in La Liga in 2008. En vervolgens de club waar hij een legende werd: Bayern München. Tien seizoenen, van 2009 tot 2019, en in die periode acht Bundesliga-titels. Sky Sports vatte samen hoe hij in juli 2021, op 37-jarige leeftijd, voor de tweede keer definitief afscheid nam.
Vier landen, vijf clubs, titels in alle grote competities. Weinig Nederlanders bouwden zo'n loopbaan. En de rode draad door dat alles was snelheid. Niet zomaar snelheid, maar de dodelijke combinatie van explosie en techniek. Robben sneed vanaf rechts naar binnen, altijd dezelfde beweging, iedereen wist het, en niemand hield het tegen. De linkerhoek, de curve, het net.
Die snelheid was meetbaar. Op het WK van 2014 in Brazilië, in de openingswedstrijd tegen wereldkampioen Spanje, registreerden de meetsystemen een topsnelheid van 37 kilometer per uur. De snelste sprint van dat hele toernooi. Geen andere speler kwam eraan, in een veld vol atleten uit de absolute wereldtop. Dat cijfer werd het symbool van wat Robben was: pure, gemeten snelheid.
Wat dat getal zo veelzeggend maakt, is de leeftijd waarop hij het neerzette. Robben was in 2014 dertig jaar oud, een leeftijd waarop de meeste sprinters al inleveren op hun explosie. Hij was toen nog altijd de snelste van iedereen. Twintig jaar topvoetbal in de benen, en toch die 37. Dat is geen talent alleen. Dat is een lichaam dat jarenlang tot het uiterste werd onderhouden, ondanks een reeks blessures die hem telkens weken aan de kant hielden.
Juist die blessures maken de meting nog opmerkelijker. Robben was net zo bekend om zijn snelheid als om zijn kwetsbaarheid. Spieren die het op de verkeerde momenten begaven, een lichaam dat de eigen explosie soms niet aankon. En toch bleef hij terugkomen, telkens weer, tot dat ene moment tegen Spanje waarin alles klopte en de teller op 37 bleef staan.
Dat WK bleef ook om een andere reden hangen. Vier jaar eerder stond Oranje in de finale, en Robben kreeg in die eindstrijd de kans die alles had kunnen veranderen. Het verhaal van de WK-finale die Oranje nooit won is voor een deel ook zijn verhaal, en het is een wond die in Nederland nooit helemaal is geheeld.
Bondsridder en de erfenis van de WK-finale
Op 25 september 2022 benoemde de KNVB Arjen Robben tot bondsridder, samen met Robin van Persie. Na het erelidmaatschap is dat de hoogste onderscheiding die de bond kent, zo maakte de KNVB bekend. Robben speelde 96 interlands voor Oranje, en die onderscheiding bezegelde zijn plek in de nationale voetbalgeschiedenis.
Bondsridder. Het klinkt als een titel uit een ander tijdperk, en dat is precies wat het is: erkenning voor een leven lang dienst aan het Nederlands elftal. Van het jonge talent dat op zijn achttiende al debuteerde tot de routinier die op het WK van 2014 nog steeds de gevaarlijkste man op het veld was. Twee generaties Oranje-supporters groeiden op met Robben op rechts.
En toch hangt er iets onafs rond die loopbaan bij Oranje. De grote prijs, het WK, bleef uit. In 2010 verloor Nederland de finale, in 2014 strandde het in de halve finale na strafschoppen. Robben was in beide toernooien cruciaal, en in beide toernooien net niet genoeg om de laatste stap te zetten. Dat is de erfenis: een van de beste spelers die het land ooit had, zonder de ene medaille die alles zou hebben bekroond.
Misschien verklaart dat wel iets van de rust waarmee hij zijn tweede leven inricht. Iemand die alles won behalve het allerhoogste, hoeft niet meer te bewijzen dat hij kan winnen. Hij weet het. De buitenwereld weet het. Wat overblijft is de vraag wat je doet met de tijd erna, en Robben beantwoordt die vraag met een fluitje bij de onder-19 en een racket op een padelbaan.
Het contrast is bijna te mooi om waar te zijn. De gejaagde topcarrière tegenover de rustige, kleine keuzes van nu. De man die met 37 kilometer per uur over het gras vloog, staat nu stil langs de lijn en kijkt hoe zijn zoon het probeert. Andere sterspelers zoeken na hun loopbaan de schijnwerpers op, of raken juist de weg kwijt, zoals je kunt lezen in het verhaal over hoe het Eden Hazard verging. Robben deed geen van beide. Hij ging naar huis en werd trainer van kinderen.
Veelgestelde vragen
Wat doet Arjen Robben nu?
Robben is jeugdtrainer bij FC Groningen. Sinds 1 mei 2025 was hij hoofdtrainer van de onder-14, en vanaf het seizoen 2026/27 schuift hij door naar de onder-19, waar zijn zoon Luka speelt. Daarnaast staat hij sinds 2025 op de mondiale padelranglijst.
Hoe hard sprintte Arjen Robben?
Op het WK van 2014, in de wedstrijd tegen Spanje die met 5-1 werd gewonnen, mat men bij Robben een topsnelheid van 37 kilometer per uur. Dat was de snelste sprint van het hele toernooi, sneller dan die van elke andere speler op het WK.
Speelt Arjen Robben echt padel op profniveau?
Hij staat sinds 2025 op de mondiale padelranglijst, telkens met drie ranglijstpunten, rond posities als 1644 en 1980. Zelf noemt hij zich geen professional, omdat hij te veel andere dingen doet naast padel om er zijn beroep van te maken.
Waarom kreeg Robben de titel bondsridder?
De KNVB benoemde Robben op 25 september 2022 samen met Robin van Persie tot bondsridder, na het erelidmaatschap de hoogste onderscheiding van de bond. Het was erkenning voor zijn 96 interlands en zijn jarenlange betekenis voor het Nederlands elftal.
Bij welke clubs speelde Arjen Robben?
Robben speelde voor Groningen, PSV, Chelsea, Real Madrid en Bayern München. Hij werd landskampioen met PSV in 2003, met Real Madrid in 2008 en pakte tussen 2009 en 2019 acht Bundesliga-titels bij Bayern. In juli 2021 stopte hij definitief.
De snelste man die ooit voor Oranje speelde, meet zijn tweede leven niet meer in kilometers per uur, maar in de weekenden dat hij langs een jeugdveld staat. Voor iemand die zijn hele carrière bezig was met vooruit, is stilstaan misschien wel de moeilijkste sprint van allemaal.