Naar de inhoud
Squad cost rule uitgelegd: de 70%-grens die alles verandert
Analyses

Squad cost rule uitgelegd: de 70%-grens die alles verandert

Leeg voetbalstadion met groene grasmat en lege tribunes bij avondlicht

Portretfoto van Bas Willemsen Bas Willemsen 8 min leestijd Analyses

In het seizoen 2023/24 zat de limiet nog op 90%. Een jaar later op 80%. Vanaf 2025/26 is het 70%, en daar blijft het. De squad cost rule van UEFA bepaalt dat geen enkele club die Europees speelt meer dan 70% van haar voetbalinkomsten mag uitgeven aan salarissen, transferafschrijvingen en makelaarskosten. Chelsea kreeg er in 2025 een recordboete voor. Aston Villa ging ook over de grens. Dit is geen theoretische regel meer.

Vraag een voetbalfan naar Financial Fair Play en de kans is groot dat hij meteen begint over Manchester City, PSG of “regels waar rijke clubs toch wel omheen komen”. Begrijpelijk. Alleen zit de echte vernieuwing van UEFA’s financiele systeem inmiddels ergens anders. Niet meer bij de oude break-even-discussie, maar bij de squad cost rule. Minder grijs gebied, minder ruimte voor mooie verhalen, meer focus op wat er echt binnenkomt en wat er echt uitgaat.

Wat is de Squad Cost Rule?

De squad cost rule is onderdeel van de vernieuwde Financial Sustainability Regulations van UEFA. In gewone taal komt het hierop neer: een club mag maximaal 70% van haar voetbalinkomsten uitgeven aan de selectie. Daaronder vallen spelerssalarissen, trainerslonen, geamortiseerde transfersommen en makelaarsvergoedingen.

Concreet: als een club 500 miljoen euro aan voetbalinkomsten genereert, dan mag maximaal 350 miljoen naar de selectie. Niet 351 miljoen, niet “350 miljoen plus een creatieve constructie”. De grens is hard. UEFA werkte met een overgangsmodel van 90% in 2023/24 via 80% in 2024/25 naar de definitieve 70%. Dat maakt meteen duidelijk waarom de regel juist nu veel relevanter is dan twee jaar geleden.

Waarom heeft UEFA deze regel ingevoerd?

Het oude beeld van Financial Fair Play draaide vooral om verliezen over meerdere jaren. Dat systeem bleef belangrijk, maar had een zwak punt: clubs konden discussieren over waarderingen, uitzonderingen en creatieve constructies. UEFA wilde daarom een extra rem inbouwen die directer werkt.

De gedachte is simpel. Als een club te veel van haar omzet opslokt met salarissen, transfers en commissies, wordt ze kwetsbaar. Een misgelopen Champions League-plaats of een slecht transferraam kan dan al genoeg zijn. Met de squad cost rule probeert UEFA minder te kijken naar theoretische financiele gezondheid en meer naar een harde verhouding: hoeveel van je echte inkomsten gaat op aan je selectie?

Wat telt mee voor die 70%?

Dit is breder dan veel fans denken. UEFA kijkt naar vier kostenposten: spelerssalarissen, salarissen van de hoofdcoach, amortisatie van transfersommen en makelaarskosten. In de praktijk betekent dat dat een club niet alleen moet opletten bij het kopen van spelers, maar ook bij contractverlengingen, hoge tekengelden en dure tussenpersonen.

Een voorbeeld. Een club koopt een speler voor 80 miljoen euro op een vijfjarig contract. De jaarlijkse afschrijving is 16 miljoen. Tel daar een salaris van 10 miljoen per jaar bij op, plus een makelaarscommissie van 8 miljoen verdeeld over de contractduur. Dan kost die ene speler de club bijna 28 miljoen per jaar aan squad cost ratio-ruimte. Bij een club met 300 miljoen aan inkomsten is dat al meer dan 13% van de volledige limiet voor een enkele speler.

Aan de inkomstenkant tellen tv-gelden, sponsordeals, commerciele opbrengsten, ticketverkoop en prijzengeld mee.

Waarom is dit strenger dan het oude Financial Fair Play?

Omdat deze regel moeilijker weg te praten is.

Bij de oude FFP-discussie ging het vaak over vragen als: wat is de echte waarde van een sponsordeal, welke kosten tel je wel of niet mee, en hoeveel verlies is nog acceptabel? De squad cost rule snijdt daar doorheen. Als jouw inkomsten 500 miljoen zijn, dan weet je dat je niet structureel boven 350 miljoen aan selectiegerelateerde kosten kunt zitten.

Dat maakt de regel vooral pijnlijk voor clubs die sportief mee willen doen aan de top, maar commercieel nog niet op hetzelfde niveau zitten. Grote clubs met enorme inkomsten hebben automatisch meer ruimte. Clubs die omhoog willen klimmen, lopen sneller tegen de limiet aan. Eerlijk? Financieel gezien wel. Sportief gezien is het dezelfde discussie die het voetbal al decennia voert.

Chelsea en Aston Villa gingen als eerste over de grens

De regel is niet theoretisch meer. In juli 2025 maakte UEFA sancties bekend voor meerdere clubs. Chelsea kreeg een recordboete, deels wegens het niet halen van de earnings-eis en deels wegens het overschrijden van de squad cost ratio. Aston Villa behoorde ook tot de clubs die op dit onderdeel de grens passeerden.

Bij Chelsea lag de oorzaak voor een groot deel bij de transferstrategie onder Todd Boehly. Tientallen spelers aangetrokken op lange contracten, met hoge amortisatielasten die jarenlang op de boeken drukken. De salarismassa explodeerde. De squad cost ratio ging ruim over de 70%. Precies het scenario waarvoor de regel ontworpen is.

SCR CALCULATOR

Squad Cost Rule: hoe raakt het jouw club?

Kies een voorbeeldclub of vul zelf de bedragen in. De calculator toont direct of een club compliant is onder UEFA (70%) of de Premier League (85%).

70%
SQUAD COST RATIO
350
MAXIMAAL TOEGESTAAN
0
MARGE (MILJ.)
70%
Compliant
De club voldoet aan de squad cost rule.
Systeem Groene grens Rode grens Sanctie bij overschrijding
UEFA 70% n.v.t. Financiele boete (luxury tax), oplopend bij herhaling
Premier League 85% 115% 85-115%: heffing. Boven 115%: 6 punten + 1 per 6,5 milj.
Bronnen: UEFA Financial Sustainability Regulations, Premier League. Bedragen zijn indicatief en gebaseerd op openbare schattingen.

Premier League: 85% in plaats van 70%

Het verschil met de Engelse nationale regels is belangrijk, want hier raken veel fans de draad kwijt. Vanaf seizoen 2026/27 vervangt de Premier League haar eigen PSR-systeem door de Squad Cost Ratio (SCR). De grens daar ligt op 85% in plaats van UEFA's 70%. Clubs die Europees spelen moeten aan beide voldoen, dus voor hen geldt de strengere UEFA-norm.

De Premier League bouwde ook een luxebelasting in. Tussen 85% en 115% van de inkomsten betaalt een club een financiele heffing. Boven de 115% volgt een directe aftrek van zes punten, plus een extra punt per 6,5 miljoen pond boven die grens. Elke overschrijding verlaagt bovendien de marge voor het volgende seizoen via een feedback loop. Vergelijkbaar met hoe Barcelona's financiele crisis liet zien dat structureel boven je stand leven uiteindelijk altijd een prijs heeft.

Wat verandert er op de transfermarkt?

Het directe gevolg is dat clubs anders naar aankopen kijken. Onder de oude regels kon een mislukte transfer worden weggemiddeld over drie jaar. Onder de squad cost rule drukt elke afschrijving elk seizoen op de ratio. Een speler die niet presteert maar 15 miljoen per jaar aan amortisatie en salaris kost, vreet direct aan de 70%-ruimte.

Clubs zullen voorzichtiger worden met lange contracten voor dure spelers. Tegelijkertijd stimuleert het systeem investeringen in jeugdopleidingen. Inkomsten uit de academy en het vrouwenteam tellen mee als inkomsten, maar de kosten ervan worden niet meegerekend als squadkosten. Elke euro die een jeugdspeler oplevert, vergroot de financiele ruimte zonder dat de opleidingskosten meetellen.

Vergelijkbaar met de 50+1 regel, maar dan anders

De squad cost rule lijkt in de verte op een salary cap, maar is niet hetzelfde. In La Liga wordt per club een veel directer plafond berekend. In Duitsland zorgt de 50+1 regel voor een totaal andere machtsverdeling. De squad cost rule zit daar tussenin. Geen harde Amerikaanse cap, geen eigendomsregel. Een Europese rem op oververhitting: verdien je X, dan kun je niet onbeperkt 2X uitgeven aan je selectie.

UEFA noemt het bewust geen salarisplafond. De Engelse spelersvakbond PFA dreigde met rechtszaken toen het anchoring-voorstel op tafel lag in de Premier League, een systeem dat uitgaven zou koppelen aan de inkomsten van de laagst verdienende club. Dat voorstel haalde het niet. Maar de squad cost rule functioneert in de praktijk als een zacht plafond. Wie meer verdient, mag meer uitgeven. Wie minder verdient, wordt sneller begrensd.

De echte vraag voor de komende jaren

Het systeem werkt. Clubs worden afgerekend, boetes zijn uitgedeeld, het overgangsmodel is afgerond. Maar de onderliggende spanning blijft. Real Madrid met een omzet van meer dan 800 miljoen euro heeft een squad cost-ruimte van 560 miljoen. FC Brugge met een omzet van 100 miljoen mag 70 miljoen uitgeven. Beiden voldoen aan dezelfde regel. Beiden spelen in dezelfde Champions League.

De squad cost rule maakt het voetbal niet gelijker. Dat pretendeert hij ook niet. Hij maakt het stabieler. En op dit moment is dat misschien precies wat Europees voetbal nodig heeft.

Veelgestelde vragen

Wat is de squad cost rule?

De squad cost rule is een UEFA-regel die bepaalt dat clubs maximaal 70% van hun voetbalinkomsten mogen uitgeven aan spelers- en trainerssalarissen, geamortiseerde transfersommen en makelaarskosten. De regel geldt voor alle clubs in de groepsfase van UEFA-competities met een loonlast boven 30 miljoen euro.

Is de squad cost rule hetzelfde als Financial Fair Play?

Nee. De squad cost rule is een onderdeel van de vernieuwde Financial Sustainability Regulations van UEFA. Financial Fair Play wordt nog vaak als verzamelnaam gebruikt, maar officieel werkt UEFA sinds 2022 met een nieuw drielaags systeem van solvabiliteit, stabiliteit en kostenbeheersing.

Welke clubs kregen problemen met de squad cost rule?

UEFA meldde in 2025 onder meer overtredingen bij Chelsea en Aston Villa. Chelsea kreeg een recordboete, mede door de hoge amortisatielasten van de tientallen transfers onder eigenaar Todd Boehly.

Wat is het verschil tussen UEFA's 70% en de Premier League's 85%?

UEFA hanteert een grens van 70% voor clubs in Europese competities. De Premier League voert vanaf 2026/27 een eigen Squad Cost Ratio in op 85%. Clubs die zowel nationaal als Europees spelen, moeten aan beide normen voldoen, dus voor hen geldt effectief de strengere 70%.

Waarom is de squad cost rule strenger dan FFP?

Omdat de regel een directe verhouding meet tussen inkomsten en uitgaven, per seizoen. Het oude FFP keek naar cumulatieve verliezen over drie jaar, wat ruimte bood voor creatief boekhouden. De squad cost rule laat minder ruimte voor interpretatie en maakt overschrijdingen sneller zichtbaar.

Deel dit artikel

Meer uit Analyses

Portretfoto van Bas Willemsen

Over de auteur

Bas Willemsen

Bas Willemsen schrijft al sinds zijn studietijd over sport, eerst voor het universiteitskrantje in Utrecht, later voor regionale sportredacties en een handvol onafhankelijke platforms. Zijn vertrekpunt is voetbal, met name buitenlandse competities die Nederlandse media structureel onderbelichten, maar zijn interesse stopt niet bij de aftrap. Wat hem fascineert is de structuur achter de sport. Hoe clubfinanciën werken. Waarom de ene competitie wereldtalent aantrekt en de andere het wegjaagt. Hoe een land als Japan in dertig jaar tijd een voetbalcultuur opbouwde die Europa serieus neemt. Die vragen spelen bij voetbal, maar net zo goed bij andere sporten. De liefde voor de Serie A begon in 2008, toen hij een semester in Bologna doorbracht en voor het eerst voetbal beleefde zoals Italianen het beleven. Sindsdien volgde hij de competitie op de voet, maar leerde onderweg ook dat de mooiste sportverhalen vaak naast het grote nieuws worden verteld. Bij GoalScore is dat precies het uitgangspunt. Buiten de sport: leest te veel, kijkt te weinig series, en heeft een niet te rechtvaardigen mening over welke Italiaanse stad de beste espresso serveert. Het antwoord is Napels. ;-)

Ontvang de wekelijkse briefing.

Geen ruis. Alleen de scherpste analyses en diepteverhalen uit de sportwereld. Elke zondagochtend in je inbox.