222 miljoen euro. Op 3 augustus 2017 betaalde Paris Saint-Germain dat bedrag ineens aan FC Barcelona om de afkoopclausule van Neymar te lichten. De duurste transfer ooit is sindsdien niet meer verbroken. Per seizoen 2025/26 staat de Braziliaan nog altijd bovenaan, negen jaar later, terwijl de hele markt om hem heen explodeerde.
Dat is het opvallende. Transfersommen stijgen al decennia bijna lineair. Elk record sneuvelde binnen een paar jaar. Tot Neymar.
222 miljoen, in één keer overgemaakt
Neymar kostte exact 222 miljoen euro. Geen bonussen, geen gespreide betaling, geen rekensom achteraf. PSG stortte het volledige bedrag van de afkoopclausule die in zijn Barcelona-contract stond. Daarmee verdubbelde de club in één klap het oude wereldrecord, dat op 105 miljoen euro stond. Een sprong van meer dan honderd procent, ongekend in de geschiedenis van de transfermarkt in het voetbal.
De vergelijking maakt het scherp. Nummer twee aller tijden, Kylian Mbappé, kostte 180 miljoen euro toen PSG hem in 2018 definitief overnam van AS Monaco. Tussen plek één en twee zit dus 42 miljoen euro. En zelfs de op twee na duurste transfer ooit, Alexander Isak voor 145 miljoen in 2025, bleef nog 77 miljoen onder Neymar.
Het wereldrecord als tijdlijn
De duurste transfer aller tijden is geen vast gegeven, het verschuift. Sinds de jaren tachtig is het record minstens een dozijn keer verbroken. Diego Maradona deed het twee keer: in 1982 naar Barcelona en in 1984 naar Napoli. Daarna ging het in golven omhoog, met telkens dezelfde paar clubs als koper.
Real Madrid was lange tijd de motor. Luis Figo (60 miljoen, 2000), Zinedine Zidane (77 miljoen, 2001), Cristiano Ronaldo (94 miljoen, 2009) en Gareth Bale (101 miljoen, 2013) waren allemaal in hun tijd de duurste speler ter wereld, en alle vier in het wit van Madrid. Zidane hield het record acht jaar vast, de langste regeerperiode van de moderne era. Tot Neymar.
Het kantelpunt kwam in Manchester. Paul Pogba's terugkeer naar Manchester United in 2016 voor 105 miljoen euro brak Bale's record en zette de toon voor de Neymar-gekte een zomer later. Cijfers gebaseerd op de officiële transferregistratie van Transfermarkt.
Euro of pond? Daar gaat het vaak mis
Veel verwarring rond duurste transfers komt door de valuta. Engelse media rekenen in ponden, de rest van Europa in euro's, en de wisselkoers schuift mee. Gareth Bale is daar het schoolvoorbeeld van. Real Madrid hield jarenlang vol dat hij 91 miljoen euro kostte, deels om Cristiano Ronaldo niet te bruuskeren, die per se de duurste wilde blijven. Gelekte documenten lieten later een fee van ruim 100 miljoen euro zien, oftewel zo'n 85 miljoen pond. Eén transfer, drie verschillende bedragen in de pers.
De les: een bedrag in pond klinkt altijd lager dan hetzelfde bedrag in euro. Wie ranglijsten vergelijkt zonder op de valuta te letten, krijgt een vertekend beeld. Onze cijfers staan consequent in euro's, de standaard die ook ESPN in zijn all-time overzicht aanhoudt.
Waarom niemand Neymar inhaalt
De markt zit niet stil. In de zomer van 2025 betaalde Liverpool eerst een clubrecord voor Florian Wirtz, ruim 117 miljoen euro, en brak dat enkele weken later zelf met de komst van Alexander Isak voor 145 miljoen. Beide horen bij de duurste transfers ooit. Toch komt zelfs Isak niet in de buurt van Neymar. De top van de ranglijst is sinds 2017 versteend.
Daar zijn redenen voor. De Financial Fair Play-regels van UEFA en de nieuwere uitgavenormen dwingen clubs tot voorzichtigheid met megabedragen. Spelers van Neymar's kaliber komen zelden los, en als ze loskomen, zit er meestal geen afkoopclausule van 222 miljoen in hun contract die een rijke club in één keer kan lichten. Precies die clausule maakte de Neymar-deal mogelijk, en precies dat soort clausules zijn daarna zeldzamer geworden.
Gecorrigeerd voor inflatie ligt het verhaal trouwens nog scherper. 222 miljoen euro uit 2017 is in koopkracht vandaag fors meer waard. De vraag is niet alleen of een club het record geldelijk verbreekt, maar of er ooit nog één speler zo ver boven de markt uitsteekt dat het de moeite waard is.
Veelgestelde vragen
Wat is de duurste transfer ooit?
De duurste transfer ooit is Neymar, die in 2017 voor 222 miljoen euro van FC Barcelona naar Paris Saint-Germain ging. PSG lichtte zijn volledige afkoopclausule in één betaling. Per seizoen 2025/26 is dit record nog altijd niet verbroken.
Wie is de op één na duurste speler aller tijden?
Kylian Mbappé staat tweede. PSG nam hem in 2018 definitief over van AS Monaco voor 180 miljoen euro, nadat hij eerst een seizoen op huurbasis speelde. Het bedrag ligt 42 miljoen onder dat van Neymar.
Hoe lang staat het record van Neymar al?
Sinds augustus 2017, dus inmiddels negen jaar per peildatum 2026. Dat maakt het de op één na langste regeerperiode in de moderne transfergeschiedenis, na de acht jaar van Zinedine Zidane tussen 2001 en 2009.
Welke club brak het wereldrecord het vaakst?
Real Madrid. De club leverde met Figo, Zidane, Cristiano Ronaldo en Bale vier opeenvolgende wereldrecord-transfers tussen 2000 en 2013, allemaal richting Madrid. Pas Manchester United (Pogba) en PSG (Neymar) namen het stokje over.